MTC HUIZEN
 
 
Multi Therapeutisch Centrum Huizen
035 52 413 89 (08.30u-12.00u)
Volg MTC Huizen op FacebookVolg MTC Huizen op Twitter
Bewegen en Parkinson
door Marloes van Riemsdijk

[ Leven met Parkinson ][ Het belang van bewegen ] [ Nederlandse Norm Gezond Bewegen ]
[ MET, intensiteit van bewegen ] [ Actieve leefstijl ]
[ Borgschaal ] [ Bewegen en Parkinson ][ Conclusie ]






Leven met Parkinson
Voor iemand met Parkinson speelt de ziekte een grote rol in het dagelijkse leven. Als u de film afspeelt kunt u zien hoe Ir. L.G. (Bert) van Esterik iedere dag met zijn beperkingen in het dagelijks leven omgaat. Een indrukwekkende film geproduceerd door J.M. Durieux met een belangrijke bijdrage van Marloes van Riemsdijk.

mind over matter from j.m. durieux on Vimeo.

Het belang van bewegen

Per-Olof Astrand: "Mensen die een zittend bestaan leiden zouden een medische test moeten ondergaan om te bepalen of hun lichaam de gevolgen van deze leefstijl wel aankan. "
Is het dan zo gevaarlijk om stil te zitten en is lichaamsbeweging inderdaad echt zo belangrijk voor de gezondheid? JA! Ongeveer 5,7% van de totale sterfte kan worden toegeschreven aan lichamelijke inactiviteit.
Lichamelijke inactiviteit vergroot het risico op hart en vaatziekten, osteoporose, Diabetes Mellitus type II, verschillende vormen van kanker, obstipatie, slaapproblemen, angststoornissen, depressie en zelfs op dementie. Iemand die lichamelijk inactief is heeft bijvoorbeeld 2 X zoveel kans om een hart- en vaatziekte te ontwikkelen.

Nederlandse Norm Gezond Bewegen
De hoeveelheid lichamelijk activiteit die nodig is om de gezondheid te bevorderen is lager dan de intensiteit die nodig is om het uithoudingsvermogen (e fitheid) te vergroten. De minimale hoeveelheid lichamelijk activiteit die nodig is om de gezondheid te bevorderen is verwoordt in de Nederlandse Norm Gezond Bewegen.
Die luidt: Een half uur matig intensieve lichamelijke activiteit op ten minste vijf, maar bij voorkeur alle dagen van de week. Dat half uur hoeft niet aaneengesloten plaats te vinden, tweemaal 15 minuten, driemaal 10 minuten of zesmaal 5 minuten per dag mag ook.
Als u voor het eerst gaat bewegen is het ook zeker aan te raden om in te zetten op matig intensief bewegen in plaats van intensievere vormen van lichaamsbeweging. Ten eerste ligt de drempel om te gaan bewegen hoger als er een hoge intensiteit gekozen wordt. Bovendien is de kans op overbelasting en blessures groter indien de belastingsintensiteit hoger is. Zelfs het optreden van spierpijn kan demotiverend werken voor mensen die na een lange tijd weer actief willen worden.
Inmiddels is men er wel achter dat vijf keer per week een half uur bewegen niet voldoende is voor een maximaal resultaat op alle gezondheidsaspecten. Zo is bijvoorbeeld bekend dat er meer lichaamsbeweging nodig is om overgewicht te voorkomen. Ook bij atherosclerose en diabetespatiënten is gebleken dat het verhogen van het aantal uren lichamelijke activiteit tot ten minste vier uur per week leidt tot een verdere afname van de sterfte.
De NNGB is dus zeker een goed begin en leid tot een betere gezondheid, maar het leidt niet tot een sterke toename van het lichamelijk prestatievermogen (lichamelijke fitheid). Gezien de sterke relatie tussen lichamelijke fitheid en sterfte is er veel voor te zeggen om naast de NNGB te proberen de fitheid te vergroten. Het huidige advies luidt daarom: een half uur per dag bewegen is goed, maar meer is beter.

MET, intensiteit van bewegen
Waarbij moet u denken aan matig intensief ? Een objectieve maat voor de intensiteit die binnen de trainingsleer wordt gebruikt is de hoeveelheid METs . Dit staat voor Metabolic EquivalenT en is een maat die wordt gebruikt om uit te drukken hoeveel energie er door het lichaam wordt gebruikt ten opzichte van rust. 1 MET is het aantal kcal/kg/min dat gebruikt wordt door het lichaam in rust. Voor iedereen is deze hoeveelheid kcal weer anders omdat deze sterk afhankelijk is van ons metabolisme in rust.
Matige intensieve lichamelijk activiteit betekent:
Volwassenen 18 – 55 jaar 4 - 6,5 METS
Ouderen 55 jaar en ouder 3 - 5 METS
Welke activiteiten onder matige intensieve lichamelijk activiteit vallen kan men in tabellen met MET-waarden aflezen.

MET Dagelijkse activiteiten Sport en ontspanning
1
  • Rustig zitten
  • Slapen
1,5
  • Zichzelf wassen
  • Aankleden
  • Schrijven / kaarten
  • Rechtop staan gedurende 15 minuten
2
  • Auto rijden
  • Koken
  • Stoffen
  • Piano spelen
  • Vissen
  • Biljarten
  • Fietsen met weinig tot geen weerstand
  • Wandelen met 2,5 km / uur
3
  • Stofzuigen
  • Strijken
  • Tuinieren
  • Boodschappen doen
  • Auto wassen
  • Fietsen 8 km / uur
  • Wandelen 3-4 km / uur
  • Bowlen
  • Lichte gymnastiek
4
  • Douchen
  • Trap aflopen
  • Grasmaaien (elektrisch)
  • Fietsen 10 km / uur
  • Wandelen 5 km / uur
  • Tafeltennis
  • Badminton
  • Zwemmen (schoolslag)
5
  • Boodschappen doen met zware tas
  • Spitten in de tuin
  • Fietsen 12 km/uur
  • Wandelen 5,5 km / uur
  • Dansen langzaam
  • Golfen (tas zelf dragen)
6
  • Trap oplopen
  • Wandelen 6,5 km/uur
  • Tennis
  • Basketbal
  • Voetbal
  • Low impact aerobics
7
  • Sneeuw ruimen
  • Hout kloven
  • Fietsen 15 km /uur
  • Wandelen 7,5 km / uur
  • Dansen snel
8
  • Vloer schrobben / zagen
  • Fietsen 19 km / uur
  • Jogging 8 km / uur
  • High impact aerobics zwemmen (crawl)
9
  • Een helling oplopen met gewicht
    van 10 – 20 kilo in eigen tempo
  • Touwtje springen (70-80 keer/minuut)
10
  • Gewichten van meer dan 30 kilo dragen
  • Fietsen 23 km/u
  • squash
  • handbal
  • roeien
Uit deze tabel blijkt dus dat voor volwassenen een half uur (sportief) wandelen met een loopsnelheid van 5 km per uur genoeg is, om te voeldoen aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen.

      

Actieve leefstijl
Niet alleen sporten, maar een actieve leefstijl.
Natuurlijk is het heel goed als u deelneemt aan sportactiviteiten (en dat moet u vooral blijven doen) Maar toch blijkt uit onderzoek dat deelname aan de sportgroepen slechts een beperkte bijdrage levert aan het realiseren van de Nederlandse Norm Gezond bewegen. We hebben het nu dus weer over bewegen voor de gezondheid. De belangrijkste component van een actieve levensstijl blijkt meestal sportief wandelen te zijn. Ook activiteiten als fietsen (12 km/uur), traplopen en dansen dragen vaak bij aan het halen van de NNGB. Dus probeer de trap te nemen als dat gaat in plaats van de lift en pak de fiets in plaats van de auto. U zult merken dat u dan al een heel eind komt wat de NNGB betreft. Voor het vergroten van de fitheid moet u dus wel intensiever bewegen en hiervoor zijn sportactiviteiten natuurlijk uitermate geschikt.

Borgschaal
Met de Borgschaal gebruiken we in de praktijk om subjectief de intensiteit van een belasting te bepalen. Bij deze schaal geeft u namelijk zelf aan hoe u de belasting ervaart. Er wordt gescoord van 6-20. 6 betekent geen enkele belasting. 20 betekent maximale inspanning.
In de praktijk geven wij hier de voorkeur aan, want wat voor de één matig intensief is, kan voor de ander als veel zwaarder ervaren worden. Als bijvoorbeeld twee mensen lopen met een snelheid van 5 km/uur kan dat voor de een heel zwaar zijn, terwijl de ander het als tamelijk licht ervaart. Het is belangrijk dat u zichzelf niet onder- of overschat en dat u alleen uw eigen gevoel weergeeft. Wat andere mensen aangeven is niet belangrijk.

Bewegen en Parkinson

   Bevorderen van de balans
Vijf jaar na het ontstaan van de ziekte van Parkinson treden vaak in meer of mindere mate balansproblemen op. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat met name in de vroege fase van de ziekte, een oefenprogramma met balansoefeningen en krachttraining van de benen een effectieve manier is om deze balansproblemen te verminderen. Het is dan ook zeker aan te raden hier vanaf het begin extra aandacht aan te besteden. Let er wel op dat dit veilig gebeurt en dat u, als u uw balans verliest zich vast kan pakken of niet ergens tegen aan kan vallen. Dat geldt natuurlijk bij alle oefeningen. Zorg dat het veilig is. Oefeningen hoeven helemaal niet zo ingewikkeld te zijn om toch resultaat te behalen.

   Bevorderen van het lopen
Sportief wandelen een goede manier om te bewegen. Maar dat kan door bv freezing nog behoorlijk lastig zijn. Het freezen kan verminderen door gebruik te maken van visuele of auditieve cues. (bv op de stoeptegels stappen of gebruik maken van een metronoom). Welke cue bij u het beste werkt is een kwestie van uitproberen en soms wat puzzelen. Een fysiotherapeut die gespecialiseerd is in de ziekte van Parkinson kan u daar veel meer over vertellen en u daarmee helpen. Het kan ook zijn dat u veel beter loopt met een hulpmiddel. Dat kan een rolator zijn, maar misschien helpen bij u een stok of Nordic Walking sticks ook wel heel goed.

Maar ook het trainen van de spierkracht en het verbeteren van de rompmobiliteit hebben een positief effect op het lopen. Zo kunnen de comfortabele loopsnelheid, de paslengte en de romprotatie verbeteren. Daarnaast kan het nuttig zijn om verschillende loopvormen te oefenen. Bijvoorbeeld door te lopen in verschillende richtingen en draaien te oefenen, grotere stappen maken, te stoppen, de armzwaai te vergroten of obstakels te plaatsen. Bij het lopen is een goede afwikkeling belangrijk. Vaak zie je dat mensen met de ziekte van parkinson op hun tenen gaan lopen. Probeer daar op te letten en elke keer eerst de hak neer te zetten. Een gevolg van veel op de tenen lopen kan zijn dat er een verkorting van de kuitspieren optreed. Het is dan ook belangrijk deze op lengte te houden door rekoefeningen. Let er bij een rekoefening op dat u niet verend rekt, maar rek tot iets verder dan dat u als eerste de rek voelt zonder dat dit pijn gaat doen. Houdt dit dan minsten 15 seconden vast. Als u korter rekt zal de spier zich niet genoeg gaan aanpassen en zult u veel minder resultaat behalen.
   Bevorderen van het algemeen functioneren
Activiteiten die vroeger zo vanzelfsprekend waren gaan nu toch ineens een stuk lastiger. Vaak ook omdat het dubbeltaken zijn. Houd uw aandacht daarom bij hetgeen waar u mee bezig bent en probeer niet ondertussen een gesprek te volgen of antwoord te geven op een vraag. Ook is het beter de activiteit op te delen in kleinere deelactiviteiten (cognitieve bewegingsstrategieën). Om een voorbeeld te geven. Als u in de keuken thee wilt gaan zetten loop dat eerst helemaal tot u tegen het aanrecht aanstaat en pak dan pas de waterkoker. Loop dan eerst naar de kraan en pas als u weer stil staat vult u de waterkoker. Het kost wat meer tijd, maar het gaat wel gecontroleerder en dus ook veiliger. Maar ook op deze dagelijkse activiteiten heeft trainen een effect. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat oefenprogramma’s die gericht zijn op mobiliteit, spierkracht en conditie het algemeen functioneren verbeteren. Het is dus een combinatie van weten hoe u het het beste kunt doen en zorgen dat u lichaam zo fit mogelijk is en zo optimaal mogelijk kan functioneren.

   Het tijdstip Het is belangrijk om tijdens het bewegen rekening te houden met on- en off- perioden. Zo kunt u het beste kracht en conditie trainen tijden een on-periode. (een goede periode). Maar het kan nuttig zijn om de balans en loopoefeningen ook eens te doen tijden een off-periode. Dan treden immers de meeste problemen op.

Conclusie
Bij de ziekte van parkinson is het van belang om naast het gezond bewegen aandacht te besteden aan.

  • spierkrachttraining
  • rek- en mobiliteitsoefeningen
  • conditieverbetering
  • balansoefeningen
  • loopoefeningen (eventueel aanleren van cues)




Laatste wijziging:05-08-2008 M. de Kogel JavaScript DHTML Menu Powered by Milonic