|
Algemeen Nieuws
|
Nordic walking kan gezondheid schaden |
 25 april 2008 |
|
Nordic walking blijkt toch niet zo gezond te zijn als soms wordt beweerd. Dat schrijft het gezondheidsmagazine Bodytalk. Het magazine wijst op de lichamelijke kwetsuren die de populaire sport met zich kan meebrengen.
Het succes van nordic walking is vooral te danken aan commerciële initiatieven die deze vorm van intensief wandelen promoten. De voordelen van de sport worden vaak voorgesteld als wetenschappelijk bewezen, maar niets is minder waar. Sinds 1995 verschenen er nauwelijks vijftien oorspronkelijke studies over nordic walking en veel valt er niet uit op te maken.
Nauwelijks meer energie verbruiken
Er wordt gezegd dat je bij nordic walking meer energie verbrandt dan tijdens gewoon wandelen. Er wordt echter nooit vermeld hoeveel energie. Een studie wees uit dat nordic walkers nauwelijks vijf procent meer energie verbruiken dan bij het gewone wandelen.
Belasting knieën
Een andere bewering is dat het de knieën ontlast. Recent onderzoek bewijst echter het tegendeel. Bij nordic walking worden langere en meer verende passen gezet. Daardoor komt de hiel met meer kracht neer op de grond en stijgt de belasting van de gewrichten.
(studie: Hansen L, Henriksen M, Larsen P, Alkjaer T., Nordic Walking does not reduce the loading of the knee joint.)
Kans op struikelen
Het stappen met stokken is behoorlijk veilig maar het kan toch letsels en ongevallen veroorzaken. Door het gebruik van de stokken is de kans op struikelen namelijk groter. Dat kan een breuk of ontwrichting aan de hand of schouder veroorzaken.
Reactie MTC: Nordic Walking blijft natuurlijk een leuke vorm van bewegen en zinvol voor iedereen die zijn conditie wil verbeteren, want gelijk ons motto: BETER MET BEWEGEN.
|
 |
 |
|
|
|
Glucosamine heeft geen bewezen effect in de behandeling van milde heupartrose. |
 20 februari 2008 |
|
Glucosamine heeft geen bewezen effect in de behandeling van milde heupartrose. Er blijkt geen verschil te zijn in het effect op pijn, op het dagelijks functioneren of op het ziekteproces wanneer het middel wordt vergeleken met een placebo. Dit concluderen onderzoekers van het Erasmus MC vandaag in een publicatie in het wetenschappelijk tijdschrift Annals of Internal Medicine.
Glucosamine wordt veel gebruikt door mensen met milde artrose van de heup of de knie. Er is al jaren discussie over het effect van glucosamine op de pijnklachten en op het ziekteproces. Eerdere onderzoeken leverden geen eenduidig resultaat, bovendien werden die alleen uitgevoerd op patiënten met knie-artrose. De onderzoekers van het Erasmus MC hebben nu voor het eerst het effect onderzocht bij patiënten met milde heupartrose.
Geen verschil
De afdeling huisartsgeneeskunde van het Erasmus MC voerde het onderzoek uit bij ruim 220 patiënten die reeds bij hun huisarts waren geweest vanwege artrose aan het heupgewricht. Patiënten met artrose in een vergevorderd stadium en patiënten die al op de wachtlijst stonden voor het plaatsen van een gewrichtsprothese zijn niet in het onderzoek meegenomen. De patiënten in het onderzoek hadden gemiddeld milde tot matige pijnklachten.
In het onderzoek werden glucosaminegebruikers vergeleken met gebruikers van een zogenoemd placebo, een nepmedicijn. Tussen deze twee groepen bleek na twee jaar geen verschil in pijn en beperking van dagelijkse bewegingen (zoals op een stoel gaan zitten of traplopen).
Ook werd er geen verschil gezien in de ontwikkeling van de ziekte, zoals dat met een röntgenfoto kan worden gemeten. De onderzoekers concluderen dan ook dat voor patiënten met milde tot matige heupartrose het gebruik van glucosamine niet leidt tot vermindering van pijn- en functieklachten en dat het gebruik geen effect lijkt te hebben op het erger worden van de ziekte. |
|
 |
|
|
|
"60-plussers moeten half uur per dag bewegen" |
 6 maart 2007 |
|
60-plussers kunnen hun levenskwaliteit zo lang mogelijk behouden als ze minstens 30 minuten per dag matig bewegen. Om die boodschap te verspreiden heeft het "Europees Thematisch Netwerk in Aangepast Bewegen" (THENAPA II) een dvd en opleidingsprogramma voor begeleiders opgesteld. Het netwerk verzamelt experts uit 29 Europese landen en staat onder leiding van professor Herman Van Coppenolle (KUL).
Ziekten voorkomen
Uit onderzoek blijkt dat ouderen meerdere ziekten kunnen voorkomen door meer te bewegen. Ze kunnen langer hun geliefde activiteiten uitvoeren zoals reizen, wandelen, fietsen en zwemmen, maar ze kunnen ook langer zelfstandig alleen wonen. Dit geldt ook voor ouderen met een aangeboren of verworven fysieke beperking of handicap. Mede door de vergrijzing is er een "aardverschuiving" nodig om de mentaliteit van ouderen te veranderen. |
|
 |
|
|
|
Beweging goed voor welbevinden werknemers |
 5 maart 2008 |
|
De Maartenskliniek in Nijmegen heeft onlangs geld vrijgemaakt om twintig medewerkers met overgewicht meer te laten bewegen. Ze krijgen twaalf weken lang intensieve begeleiding door een fysiotherapeut, een psycholoog en een diëtist. De eerste positieve resultaten zijn al zichtbaar. Deelnemers worden leniger, krachtiger, hun uithoudingsvermogen neemt toe, hun coördinatievermogen groeit en hun snelheid van handelen verbetert, volgens de trainer van het programma Medewerkers in Beweging. Bovendien komt tijdens intensieve beweging endorfine vrij, een stofje in de hersenen dat voor een geluksgevoel zorgt. Op de werkvloer zijn de resultaten ook zichtbaar; deelnemers bewegen soepeler en gaan beter om met stress. |
|
 |
|
|
|
Lichaamsbeweging verlaagt sterfterisico
|
29 januari 2008 |
|
Wie minstens drie uur per week matig actief is, verkleint het sterfterisico met 27 procent. Dat blijkt uit een grootschalig onderzoek bij meer dan 250.000 Amerikanen van wie de overlevingskansen werden vergeleken in functie van de lichamelijke activiteit. De resultaten werden een tijd geleden gepubliceerd in het vakblad Archives of Internal Medicine en staan samengevat in Bodytalk.
Nooit te oud
Het maakt geen verschil in sterfterisico of je zes dagen per week 30 minuten matig actief bent of drie keer per week 20 minuten intensief sport. Je bent ook nooit te oud om actief te worden. Zelfs een omschakeling op je 50ste naar een actieve levensstijl levert belangrijke gezondheidsvoordelen op. Uit andere gegevens blijkt dat de conditie van een goed getrainde zestiger vergelijkbaar is met die van een sedentaire tiener en die van een sportieve tachtiger met die van een sedentaire vijftiger. |
 |
 |
|
|
|
Leve de kroket! |
 26 januari 2007 |
|
Op onze website geven wij vooral aandacht aan het belang van bewegen. Onze missie is immers "Beter met Bewegen". De positieve effecten van bewegen zijn onomstotelijk aangetoond en niet voor tweeërlei uitleg vatbaar.Over voeding en gezondheid wordt echter veel onzin beweerd. Niet alleen door reclamejongens en dieetboekenschrijvers, maar ook door journalisten en zelfs door wetenschappers.
Met het boekje Wat is nu gezond? Feiten en fabels over voeding. (ISBN 9789035131330, euro 14,95 ) levert Martijn Katan, , hoogleraar voeding aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, een ’verantwoord’ boek over voeding en gezondheid. Katan toont aan:
-Gedroogde pruimen bevorderen de stoelgang niet.
-Het maakt weinig uit wat je op je brood doet, zolang je het niet te dik belegt.
-Zonder ontbijt werkt het geheugen slechter.
-Sinaasappelsap is bijna net zo ongezond als cola.
-Koffie werkt niet dehydraterend.
-Groene thee bevat net zoveel cafeïne als zwarte.
-Fritessaus bevat weinig calorieën en verlaagt het cholesterol.
-Een broodje kroket is minder vet dan een broodje kaas.
-In fruit zit maar weinig vitamine.
-Een appel bevat veel suiker en is slecht voor het gebit.
-Kant-en-klaar-maaltijden zijn niet ongezonder dan wat we zelf koken.
-Olijfolie is niet gezonder dan slaolie, wel duurder.
-Afvallen met een dieet lukt nog minder vaak dan afkicken van heroïne.
-In een punt vruchtenvlaai zit net zo weinig vitamine C als in een zak patat.
|
|
 |
|
|
|
Knie-instabiliteit extra risicofactor in effectieve behandeling van patiënten met knie-artrose |
 14 januari 2007 |
|
Martin van der Esch heeft in zijn promotieonderzoek ontdekt dat door ook te onderzoeken op knie-instabiliteit en hiervoor gericht te behandelen de effectiviteit van de fysiotherapie kan toenemen. Van der Esch onderzocht bij 150 patiënten die in het Jan van Breemen Instituut onder behandeling waren voor knie-artrose de mate van knie-instabiliteit. Voor het meten van deze knie-instabiliteit bestond nog geen vaststaand instrument. Van der Esch ontwikkelde hiervoor een methode die vier aspecten meeneemt. Zo keek hij naar de spierkracht van de bovenbeenspieren, de rekbaarheid (laxiteit) van de knie kapsels en banden, het bewegingsgevoel (proprioceptie) van de knie en de beweging van de knie tijdens het lopen.
Uiteindelijk vond van der Esch dat bij 150 patiënten deze vier aspecten een belangrijke rol spelen in het dagelijks functioneren. Bij 11% van de patiënten was er zelfs sprake van een extreme instabiliteit. Op dit moment vindt vervolgonderzoek plaats naar de juiste behandeling voor de knie-instabiliteit naast de gebruikelijke spierversterkende therapie. |
|
 |
|
|
Laatste wijziging:04-02-20087 M. de Kogel JavaScript DHTML Menu Powered by Milonic
|
|